Verkeersveiligheid

Om inzicht te krijgen in het effect van de wetgeving voor snelheidsheidsverhoging en kentekening op veiligheid, worden de volgende vragen behandeld:

  1. Wat is het effect op de verkeersveiligheid door de snelheidsverhoging, zowel in de bebouwde kom als daarbuiten, op de verschillende wegtypes?

  2. In welke mate hebben wegbeheerders maatregelen genomen om landbouwverkeer te beheersen, zoals het openstellen van wegen, beperken van toegang en snelheidsmaatregelen?

  3. Wat zijn de effecten op routekeuze en afgelegde afstand over de openbare weg?

In de volgende pagina's wordt ingegaan op het aantal ongevallen met (land)bouwvoertuigen én de subjectieve veiligheid.

Maximale toegestane snelheid 

Sinds 1 januari 2021 mogen (land)bouwvoertuigen die een kentekenplaat voeren, maximaal 40 kilometer per uur rijden.

Deze maximumsnelheid geldt voor wegen buiten de bebouwde kom. Ook geldt de snelheid voor wegen binnen de bebouwde kom waar geen (snor)fietsverkeer rijdt. Het gaat dan om 70 kilometer per uur wegen en/of 50 kilometer per uur wegen met een vrijliggend fietspad. (Bron: rijksoverheid)

In onderstaande tabel hebben we een overzicht gemaakt van de toegestane snelheid van een gekentekend voertuig op de verschillende type wegen.

Buiten bebouwde kom

Snelheid (land)bouwvoertuig

60 km/uur wegen

40 km/uur

80 km/uur wegen

40 km/uur

Binnen de bebouwde kom

 

70 km/uur wegen

40 km/uur

50 km/uur wegen (vrijliggend fietspad)

40 km/uur

50 km/uur wegen (zonder vrijliggend fietspad)

25 km/uur

30 km/uur wegen

25 km/uur

Vraag aan bestuurders over snelheid

Tijdens de 3-meting is aan de bestuurders van landbouwvoertuigen gevraagd hoe hard gereden mag worden met een gekentekend voertuig in 3 verschillende situaties. Deze zijn op 2 manieren voorgelegd: één door een situatiefoto te tonen, en twee als tekstuele toelichting van een situatie. Het gaat om de volgende situaties.

Situatie 1: 

Situatie 2:

Situatie 3:

Situatie 4:

Betreft een gebiedsontsluitingsweg buiten de bebouwde kom (80 km/u-weg) met een vrijliggend fietspad langs de rijbaan.

Situatie 5:

Betreft een gebiedsontsluitingsweg binnen de bebouwde kom (50 km/u-weg) met fietsstroken op de rijbaan.

Situatie 6:

Betreft een erftoegangsweg buiten de bebouwde kom (60 km/u-weg).

De foto van situatie 1 komt overeen met de omschrijving van situatie 4. De foto van situatie 2 komt overeen met de omschrijving van situatie 5 en de foto van situatie 3 komt overeen met de omschrijving van situatie 6.

  •  In situatie 1 en 4 mag een gekentekend (land)bouwvoertuig 40 km/uur rijden, omdat het een gebiedsontsluitingsweg buiten de bebouwde kom is met een snelheidslimiet van 80 km/u.

    • 91% van de respondenten geven voor situatie 1 en 4 zelfde snelheden als antwoorden.

    • Situatie 1: 88% van de respondenten geven dit als antwoord. 7% geeft de oude toegestane snelheid van 25 km/uur op. 1% geeft 50 km/uur aan.

    • Situatie 4: 94% van de respondenten geven dit als antwoord. 3% geeft de oude toegestane snelheid van 25 km/uur op. 0% geeft 50 km/uur aan.


    • In de 2-meting gaf 72% van de respondenten dit als antwoord. 3% gaf de oude toegestane snelheid van 25 km/uur op. 9% gaf 50 km/uur aan en 5% gaf 80 km/uur aan.

    • 3% geeft een ander antwoord bijvoorbeeld 10/15/45/60 km/uur.

  • In situatie 2 en 5 gaat het om een gebiedsontsluitingsweg binnen de bebouwde kom met een snelheidslimiet van 50 km/uur waar fietsverkeer aanwezig is.  Hier mag een (land)bouwvoertuig 25 km/uur rijden.

    • 75% van de respondenten geven voor situatie 2 en 5 zelfde snelheden als antwoorden. Daarmee gaf dus 25% een andere snelheid als antwoord.

    • Situatie 2: 25% van de respondenten geven dit als antwoord. 49% denken ook hier 40 km/uur te mogen rijden. 22% geeft 30 km/uur aan en 1% geeft 50 km/uur aan.

    • Situatie 5: 22% van de respondenten geven dit als antwoord. 66% denken ook hier 40 km/uur te mogen rijden. 9% geeft 30 km/uur aan en 0% geeft 50 km/uur aan.

    • In de 2 meting gaf 17% van de respondenten dit als antwoord. 53% dacht ook hier 40 km/uur te mogen rijden. 12 % gaf 50 km/uur aan.

    • 2 a 3% geeft een ander antwoord bijvoorbeeld 10/15/45/60 km/uur.

  • Situatie 3 en 6 is een erftoegangsweg buiten de bebouwde kom met een snelheidslimiet van 60 km/uur. Hier mogen gekentekende (land)bouwvoertuigen 40 km/uur rijden.

    • 84% van de respondenten geven voor situatie 3 en 6 zelfde snelheden als antwoorden. Daarmee gaf dus 16% een andere snelheid als antwoord.

    • Situatie 3: 81% van de respondenten geven dit als antwoord. 12% geeft de oude toegestane snelheid van 25 km/uur op. 3% geeft 30 km/uur en 0% geeft 50 km/uur.

    • Situatie 6: 81% van de respondenten geven dit als antwoord. 13% geeft de oude toegestane snelheid van 25 km/uur op. 3% geeft 30 km/uur en 0% geeft 50 km/uur.

    • In de 2 meting gaf 70% van de respondenten dit als antwoord. 8% gaf de oude toegestane snelheid van 25 km/uur. 7% gaf 50 km/uur aan.

    • 3-5% geeft een ander antwoord bijvoorbeeld 10/15/45/60 km/uur. 

In onderstaand diagram staan de antwoorden per vraag weergegeven. Klik linksboven om een situatie te kiezen.

De juiste antwoorden zijn: 

  • In de situaties 1, 3, 4 en 6 mag een gekentekend (land)bouwvoertuig 40 km/u rijden. 

  • In de situaties 2 en 5 mag een gekentekend (land)bouwvoertuig 25km/u rijden.