Wat zijn de kosten? 

Op het gebied van de kosten dient gerapporteerd te worden over de daadwerkelijke kosten van naleving voor de bedrijven opgesplitst in de verschillende kosten componenten. In dit hoofdstuk geven we antwoord op deze vragen.

Om de kosten in beeld te krijgen is er gekeken naar de nalevingskosten. Uitgangspunt hierbij is de verdeling van de kosten zoals vermeld in de memorie van toelichting. Aanvullend is er bij de eigenaren van (land)bouwvoertuigen, middels een enquête, gevraagd met welke kosten zij te maken hebben als gevolg van de nieuwe wetgeving.

Nalevingskosten

Om te voldoen aan de onderhavige wet- en regelgeving (nalevingkosten) moeten bedrijven kosten maken. Hierbij is onderscheid gemaakt in de financiële kosten, inhoudelijke nalevingskosten en de administratieve lasten (Tweede Kamer der Staten-Generaal, 2019).

De inschatting in 2019 was dat er in totaal €29.007.400 aan incidentele kosten gemaakt zou worden (dit is de som van financiële kosten, inhoudelijke nalevingskosten en administratieve lasten). Uiteindelijk is het aantal geregistreerde voertuigen hoger dan verwacht, waardoor ook de totale kosten navenant hoger zijn dan aanvankelijk gedacht. In totaal is €31.504.886 aan incidentele kosten gemaakt in 2021.

Daarnaast was de schatting dat de structurele kosten jaarlijks €746.940 zouden bedragen. Ook dit blijkt hoger dan verwacht, omdat er in 2022 en 2023 meer nieuwe voertuigen zijn geregistreerd dan jaarlijks werd voorzien.

Tabel 3-28: Geschatte incidentele en structurele kosten (Tweede Kamer der Staten-Generaal, 2019) vergeleken met de daadwerkelijke kosten in 2021 (RDW, 2024)

* De totale incidentele kosten zijn nog niet volledig. Er ontbreken gegevens over de hoeveelheid aangevraagde volgplaten en het totale aantal bedrijven dat op de hoogte is van de wetgeving en aanvragen heeft ingediend voor onder andere tenaamstelling (digitaal of persoonlijk). Deze kosten moeten nog worden toegevoegd. Bovendien zijn de kosten, zoals vermeld in de toelichting, na de conversieperiode geïndexeerd. Deze indexatie is echter lager dan de inflatie.

Financiële kosten

Financiële kosten betreffen de kosten die houders van voertuigen maken bij de RDW voor een kentekenaanvraag en de tenaamstelling van het voertuig. In de memorie van toelichting is de volgende inschatting gemaakt.

  • Geschat werd dat de totale financiële kosten eenmalig neer zouden komen op € 10.102.000 + € 110.200 = € 10.212.200 en jaarlijks op € 481.740.

  • Op basis van het aantal geregistreerde voertuigen in 2021 komen de totale financiële kosten uit op € 12.719.807 + € 167.248 = € 12.887.055 en jaarlijks op € 480.568.

Tabel 3-29: Geschatte kosten voor invoering van de wet (Tweede Kamer der Staten-Generaal, 2019) vergeleken met de daadwerkelijke kosten in 2021 (RDW, 2024)

De conversieperiode en daarmee het digitaal loket eindigde op 31 december 2021. Dat betekent echter niet dat er vanaf die tijd geen registraties meer zijn van (land)bouwvoertuigen. Er worden immers nieuwe voertuigen aangeschaft en voertuigen wisselenvan eigenaar. Onderstaande tabel toont de kosten voor het aantal voertuigen in 2022 en 2023.

Tabel 3-30: Kosten voor invoering van de wet (RDW, 2024)

Tot slot valt ook het afmeldtarief van de RDW voor de APK onder financiële kosten wanneer de bedrijven de APK voor (land)bouwvoertuigen gaan uitvoeren. Het afmeldtarief zit verwerkt in het bedrag dat de voertuigeigenaar verschuldigd is aan het voor het uitvoeren van de APK erkende bedrijf. In de memorie van toelichting is aangegeven dat het respectievelijk € 3,55 en € 4,05 bij reguliere afmelding en internetafmelding bedraagt. Met een schatting van circa 7.000 APK-plichtige (land)bouwvoertuigen (die eens per twee jaar naar de APK moeten) bedragen de financiële kosten circa € 13.300 per jaar, wanneer wij ervan uitgaan dat er evenveel reguliere afmeldingen als internetafmeldingen worden gedaan.

Het blijkt dat een beperkt deel van de voertuigen daadwerkelijk gekeurd is: in 2021 34 voertuigen, in 2022 192 voertuigen en in 2023 150 voertuigen. Zie ook 'Analyse APK-resultaten per type LBT, eventuele regionale verschillen'. Daarmee zijn de verwachte financiële kosten per jaar voor afmelden lager dan verwacht.

Inhoudelijke nalevingskosten

Inhoudelijke nalevingskosten zijn kosten die bedrijven maken om te voldoen aan de inhoudelijke verplichtingen die de nieuwe wet- en regelgeving stelt. Hierbij gaat het om de aanschaf van de kentekenplaten, kentekenplaathouder en de montage hiervan. Deze kosten worden niet gemaakt bij de RDW, maar bij derden. Voor nieuwe voertuigen zijn dit structurele kosten.

  • Geschat werd dat de eenmalige kosten uit zouden komen op € 8.400.000 voor de kentekenplaten en € 3.090.000 voor het bestellen, ophalen en monteren van de kentekenplaat. Dat komt neer op in totaal € 11.490.000.

  • Op basis van het aantal geregistreerde voertuigen in 2021 komen de totale financiële kosten uit op €8.406.267* en €2.101.000* voor het bestellen, ophalen en monteren van de kentekenplaat. Dat komt neer op in totaal €10.507.267*

In 2019 is de schatting gemaakt dat de marktprijs van een kentekenplaat €12,- is. Deze marktprijs is mede door de inflatie toegenomen. De prijs van een kentekenplaat ligt op dit moment tussen de €19,- en €25,-.

*de bedragen zijn niet volledig in verband met het ontbreken van een aantal gegevens over de hoeveelheid volgplaten die aangevraagd zijn (dit wordt niet geregistreerd) en het aantal bedrijven (digitaal of in persoon) die kennis hebben genomen van de wetgeving en aanvraag voor o.a. tenaamstelling hebben gedaan.

Tabel 3-31: Geschatte kosten voor invoering van de wet (Tweede Kamer der Staten-Generaal, 2019) vergeleken met de daadwerkelijke kosten in 2021 (RDW, 2024)

Tabel 3-32: Geschatte inhoudelijke nalevingskosten voor invoering van de wet (Tweede Kamer der Staten-Generaal, 2019)

Administratieve lasten

Administratieve lasten zijn de kosten voor informatieverplichtingen die aan wet- en regelgeving gekoppeld zijn. Deze bestaan voor het kentekenen van LBT’s en MMBS’en uit kennisname van de nieuwe wet- en regelgeving, inschrijving en de tenaamstelling van het voertuig. In de memorie van toelichting is de volgende inschatting gemaakt:

Tabel 3-33: Geschatte administratieve lasten voor invoering van de wet (Tweede Kamer der Staten-Generaal, 2019)

Naast dat de administratieve lasten in tijd uitgedrukt worden, geeft de sector aan dat er kosten bij de RDW gemaakt worden: aanvraag, inschrijving, en tenaamstelling. Een deel van de geregistreerde voertuigen moet gekeurd worden. Hiervoor worden jaarlijks kosten gemaakt.

Zo kost het bijvoorbeeld in 2024 €198 om een beoordeling goedkeuring op 25 of meer aspecten te krijgen. Verder zijn er ook nog overige kosten zoals voorrijkosten die de RDW rekent bij bedrijfsbezoek. Verder is er bij verkoop een overdracht met kosten voor een overschrijving ter hoogte van €10,75. (bron: Tarievenlijst RDW 2024)

In 2021, gedurende de conversieperiode, was er onderscheid in kosten tussen bestaande (land)bouwvoertuigen en nieuwe (land)bouwvoertuigen. Sinds 1 januari 2022 is hier geen onderscheid meer in, aangezien een voertuig eerst gekeurd wordt, voordat deze geregistreerd kan worden.

Aanvullende kosten volgens bestuurders

De (land)bouwsector heeft in de enquête aangegeven welke kosten deze tot nu toe heeft gemaakt met betrekking tot de APK-, registratie- en kentekenplicht. De gemaakte kosten zijn voornamelijk voor de registratie van het voertuig bij de RDW en de kosten voor de kentekenplaten. Zo gaf ruim 28% van de bestuurders bij de tussentijdse 1-meting aan overige kosten te maken zoals de kosten voor de aanvraag in arbeidsuren en de montage kosten. Bij de 2- en 3-meting bleek dat ongeveer twee derde van de bestuurders deze kosten maakte. Verder gaf bijna de helft van de respondenten aan ook extra kosten te maken voor verzekeringen.

De overige kosten, zoals de arbeidsuren en montage, zijn niet alleen gemaakt door de bestuurders van (land)bouwvoertuigen van de conversievoertuigen. De kosten zijn namelijk structureel voor fabrikanten van nieuwe voertuigen. 

Tabel 3-34: Resultaten enquête bestuurders van (land)bouwvoertuigen over de gemaakte kosten met betrekking tot de APK-, registratie en kentekenplicht

Een deel van de geregistreerde voertuigen moet jaarlijks gekeurd worden. Hiervoor worden jaarlijks kosten gemaakt. Zo kost het bijvoorbeeld in 2024 198 euro om een beoordeling goedkeuring op 25 of meer aspecten te krijgen (Tarievenlijst RDW 2024). Verder zijn er ook nog overige kosten zoals voorrijkosten die de RDW rekent bij bedrijfsbezoek.

Reiskosten naar de RDW

Een nieuw (land)bouwvoertuig met Europese typegoedkeuring kan geregistreerd worden zonder uitgebreide beoordeling mits er erkenning voor een versnelde inschrijving is. Bij de keuring van deze (land)bouwvoertuigen moet het Certificaat van Overeenstemming (CvO) en/of het buitenlandse kentekenbewijs getoond worden. (Land)bouw- of bosbouwtrekkers zonder Europese typegoedkeuring, met een datum van eerste toelating op of na 1 januari 2018, moeten gekeurd worden op de testcentrum locatie van de RDW in Lelystad. 

Voor MM’s is er momenteel nog geen Europese typegoedkeuring. De invoering van de nationale typegoedkeuring is voor onbepaalde tijd uitgesteld. Hierdoor moet een MM volledig gekeurd worden voordat deze geregistreerd kan worden. 

De RDW werkt aan een nationale typegoedkeuring voor mobiele machines. De invoering van deze nationale typegoedkeuring is uitgesteld, het is nog onbekend tot wanneer. De RDW biedt tijdelijk online de mogelijkheid waarmee mobiele machines ingeschreven kunnen worden. Deze dienst is bedoeld voor:

  • Bedrijven die van plan zijn om een nationale typegoedkeuring aan te vragen met de versnelde regeling die daarbij hoort.

  • Nieuwe en ongebruikte mobiele machines die in serie worden gemaakt.

Deze online dienst is een tijdelijke oplossing voor de nationale typegoedkeuring.

Inflatie

In 2022 en 2023 (2- en 3-meting) was er in Nederland een flinke stijging in de inflatie. Prijzen van consumentengoederen- en diensten waren in 2022 10% hoger dan in 2021 én in 2023 was dit gemiddeld 3,8% hoger dan in 2022 (Inflatie 2023, CBS). 

Als gevolg van de sterk toegenomen kosten en inflatie zijn de tarieven voor 2023 verhoogd met gemiddeld 4,9%. Deze stijging is lager dan het gemiddelde inflatieniveau (RDW, 13-1-2022).

  • 1 Regeling tarieven Dienst Wegverkeer 2024: https://wetten.overheid.nl/BWBR0049059/2024-01-01