Proces

In deze evaluatie studie hebben we gebruik gemaakt van een klankbordgroep. De klankbordgroep speelde een essentiële rol bij het evalueren van de studie en het beoordelen van tussenrapportages. Hieronder volgt een overzicht van het proces:

  1. Startbijeenkomst met de klankbordgroep:

    • Er is een startbijeenkomst geweest waarin de gehele evaluatiestudie en het proces zijn toegelicht aan de klankbordgroep.

    • De klankbordgroep bestond uit vertegenwoordigers van verschillende partijen, waaronder: Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, SWOV, RDW, LTO, Cumela, Fedecom, BMWT, TLN, Evofenedex, Fietsersbond, RAI vereniging, Fehac, GMB en de politie. 

  2. Jaarlijkse reacties op tussenrapportages:

    • Gedurende de evaluatie is de klankbordgroep jaarlijks uitgenodigd om te reageren op de tussenrapportages en bevindingen.

    • Ze konden hun feedback geven bij zowel de nul-meting, 1-meting, 2-meting als 3-meting.

  3. Reacties op het eindrapport:

    • Bij het eindrapport hebben de klankbordgroepleden opnieuw de gelegenheid gekregen om te reageren. Hiervan hebben de volgende partijen gebruik gemaakt: Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, LTO, Fedecom, BMWT, TLN, RAI vereniging, SWOV, Evofenedex en de RDW.

    • Door meerdere partijen is in de reactie op het eindrapport meegegeven dat een aantal termen in de deelvragen niet worden (h)erkend.  Zo word bezwaar gemaakt  tegen de termen ‘oneigenlijk gebruik’, 'ontduiken van milieu- en Z.E.-zones' en 'toelatingseisen'.

      • oneigenlijk gebruik: dit heeft negatieve connotatie, de term niet-agrarisch gebruik zou passender zijn.

      • ontduiken milieuzones: van de conversievoertuigen is geen emissieklasse bekend en deze kunnen ook niet worden geregistreerd. Het is dus geen opzet van de eigenaren om met (land)bouwvoertuigen in milieuzones te blijven rijden, maar er zijn geen handhavingsmogelijkheden.

      • toelatingseisen: geconstateerd wordt dat de politie niet hoeft te handhaven op de toelatingseisen.