Inleiding

Op de Nederlandse wegen rijden veel verschillende soorten voertuigen. (Land)bouwvoertuigen (hier gebruikt als verzamelnaam voor landbouw- of bosbouwtrekkers, motorrijtuigen met beperkte snelheid (MMBS), mobiele machines (MM) en aanhangwagens die door die voertuigen worden getrokken) zijn hierbinnen een relatief kleine, maar diverse groep. Om de verkeersveiligheid rondom (land)bouwvoertuigen te verbeteren zijn er de laatste jaren diverse veranderingen doorgevoerd in de wet- en regelgeving.

Achtergrond van de evaluatie

De Eerste Kamer heeft ingestemd met de wijziging van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna WVW 1994) in verband met de implementatie van richtlijn 2014/45/EU. Deze is op 1 januari 2021 inwerking getreden (Staatsblad 2020, 167, 2020). Het wetsvoorstel en de onderliggende regelgeving heeft betrekking op de volgende aspecten:

  • Stapsgewijze invoering van algemene periodieke keuring (APK-plicht) voor snelle landbouw- of bosbouwtrekkers met een maximumconstructiesnelheid van meer dan 40 km/uur;

  • Registratieplicht voor LBT's, MMBS'en, MM's en voor zover van toepassing LBTA's;

  • Kentekenplaatplicht voor LBT’s, MM’s, MMBS’en en LBTA’s die door dergelijke voertuigen worden getrokken. De kentekenplaat is vanaf 2022 verplicht voor alle (land)bouwvoertuigen die harder kunnen en willen rijden dan 25 km/u en voor de rest verplicht vanaf 2025;

  • De registratieplicht en de plicht tot het voeren van een kentekenplaat voor nieuwe LBT’s, LBTA’s en MM’s zal vanzelfsprekend ingaan vanaf de inwerkingtredingsdatum van de wet;

  • Bestaande LBTA’s waarvan de maximumconstructiesnelheid niet meer dan 25 kilometer per uur bedraagt, hoeven niet te worden geregistreerd, maar moeten voor gebruik op de openbare weg worden voorzien van een witte volgplaat (een witte kentekenplaat);

  • Snelheidsverhoging voor (land)bouwvoertuigen die dat constructief kunnen.

Tijdens de behandeling van de wijziging van de WVW 1994 heeft de Tweede Kamer gevraagd om een evaluatie van (in ieder geval) de doeltreffendheid en effecten van deze wet in de praktijk, plus van de nalevingskosten. De Minister van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) heeft deze rapportage toegezegd aan de Kamer drie jaar na de invoeringsdatum. Daarvan leest u hier het verslag. Deze rapportage beschrijft de geconstateerde effecten van de wet op basis van de resultaten van de nulmeting van de wetswijziging en drie opeenvolgende tussentijdse metingen.

Wanneer een verandering van wet- en regelgeving wordt ingevoerd, is het belangrijk om de effecten hiervan te monitoren (ex-post-evaluatie). Hiervoor is het noodzakelijk om vooraf een goed beeld te hebben van de situatie (ex-ante). De evaluatie bestaat uit een nulmeting om het beeld vóór de invoering van de wet- en regelgeving te bepalen. Daarnaast is er drie jaar lang jaarlijks een tussenmeting gehouden om het effect van de wet- en regelgeving te monitoren. Nadat per 2025 de wet geheel geëffectueerd is, kan de eindevaluatie plaatsvinden.

Deze rapportage beschrijft de geconstateerde effecten van de wet op basis van de resultaten van de nulmeting van de wetswijziging en de drie opeenvolgende tussentijdse metingen.

(Land)bouwverkeer is de verzamelterm voor:

  • Landbouw- of bosbouwtrekkers (LBT) op wielen: Europese voertuig categorie T

  • Landbouw- of bosbouwtrekkers (LBT) op rupsbanden: Europese voertuig categorie C

  • Landbouw- of bosbouw aanhangwagens (LBTA): Europese voertuig categorie R

  • Verwisselbare getrokken uitrustingsstukken: Europese voertuig categorie S

  • Motorrijtuigen met beperkte snelheid (MMBS): nationale voertuig categorie Z (tot 1 januari 2021)

  • Mobiele machines (MM): nationale voertuig categorie U (vanaf 1 januari 2021)